Faalangst ontwikkel je zelf.

Faalangst ontwikkel je zelf.

Uren zit hij op zijn kamer wanneer er een toest op de planning staat. Elke dag komt hij uit school en gaat gelijk naar boven om te leren. En wanneer hij meer dan 1 toets heeft dan zit hij tot het avondeten boven en daarna ook nog minimaal een uur. En dan moet al het andere huiswerk ook nog gedaan worden.

Hij is zo bang dat hij fouten maakt. Hij wil een goed cijfer halen en al de stof in zijn hoofd stampen.

En dan is daar het moment van de toets. Hij mag beginnen. De eerste vraag weet hij wel. De 2e ook nog maar dan gaat het mis. Hij begint te zweten, krijgt hartkloppingen en weet niets meer. Geen enkel antwoord kan hij met zekerheid invullen en wanneer de tijd om is heeft hij bij een heleboel vragen zomaar wat ingevuld.

Het resultaat van deze toets. Een onvoldoende. Alweer. En die uren op zijn kamer, zijn allemaal voor niets.

Faalangst is een onderwerp wat veel te maken heeft met onzekerheid en emoties. Faalangst is angst om fouten te maken.
Kinderen en jongeren die faalangst hebben willen geen fouten maken en zitten daarom soms uren op hun kamer te leren. En wanneer ze dan de toets krijgen hebben ze een black-out en weten ze niets meer. Of ze halen alleen maar hele goede cijfers en een 7 is voor deze kids niet goed genoeg.

Er zijn verschillende soorten faalangst.

Kinderen die uren aan het leren zijn.
Op school lijkt er niet veel aan de hand met deze kinderen. Ze doen hun best, luisteren goed naar de uitleg en hebben goede cijfers. Maar wanneer ze thuis zijn dan zitten ze ook alleen maar huiswerk te maken en te leren. Ze gunnen zich weinig tijd om te ontspannen en om leuke dingen te doen met vrienden. Wanneer ze gevraagd worden door vrienden is hun antwoord vaak nee, ik moet nog leren, of nee ik moet mijn huiswerk nog afmaken.

Kinderen die veel onvoldoendes halen.
Deze kinderen doen heel erg hun best op het leerwerk en zitten ook echt serieus te werken en te leren maar ondanks dat halen ze slechte cijfers. Wanneer ze thuis zijn weten ze alles en als de toets voor hun ligt weten ze ineens niets meer. Erg frustrerend en elke keer een slecht cijfer is ook niet erg motiverend om door te gaan met leren.

Kinderen die in de klas niets durven zeggen.
Je hebt ook sociale faalangst. Als ik nu het verkeerde antwoord geef als de leraar wat vraagt of als een klasgenoot ineens iets vraag. Ze beginnen te zweten, worden rood, gaan stotteren en voelen zich heel ongemakkelijk. Ze weten vaak het antwoord op de vraag van de leerkracht wel maar komen gewoon niet uit hun woorden. Bang om het fout te doen.

Al deze vormen van faalangst zorgen voor behoorlijk wat frustratie en soms ook echt boosheid. Want waarom haal ik alleen maar slechte cijfers. Hoezo durf ik ineens niets meer te zeggen als iemand wat aan me vraagt en waarom zit ik uren aan mijn huiswerk.

Faalangst ontwikkel je zelf.

Ik vind het voor de kinderen en jongeren die faalangst hebben erg vervelend dat ze zich zo voelen. Maar vaak zijn ze zelf degene die het moeilijk maken. En dan vooral de gedachten die ze in hun hoofd hebben.

Die gedachten zorgen ervoor dat ze zich onzeker gaan voelen en dat ze bang zijn om fouten te maken. Want als ik iets fout zeg gaat de hele klas lachen. Of als ik een slecht cijfer haal dan denken ze allemaal dat ik dom ben.

Al die stemmetjes en gedachten in je hoofd is niet fijn. En om die negatieve gedachten om te buigen naar positieve gedachten valt ook niet mee. Maar vaak is dat wel de oplossing voor faalangst. Wanneer je de gedachten in je hoofd hebt dat je fouten mag maken en dat iedereen wel eens iets zegt wat niet goed is krijg je al veel meer rust.

Maar hoe doe je dat dan die helpende gedachten in je hoofd krijgen.


Ik geef vaak als advies aan mensen met faalangst ga eerst eens een lijst maken met al je negatieve gedachten. Dus welke stemmetjes hoor je elke keer als er een toets begint, of wat voor gedachten schieten er door je hoofd al een leraar iets aan je vraagt?

Schrijf al die gedachten maar eens op. Dan krijg je gelijk inzicht in wat er allemaal in je hoofd gebeurd.
Als je dat gedaan hebt dan ga je tegenover al die negatieve gedachten een helpende of positieve gedachten zetten.

Bijvoorbeeld:
Mijn negatieve gedachten als de leraar wat vraagt is: Wat zullen alle andere van mij denken.
Je helpende gedachten kan dan zijn: Ik weet het antwoord en iedereen zegt wel eens iets wat niet klopt.

Als je dan een lijst met helpende gedachten hebt ga je die elke dag lezen en oefenen. Daardoor gaat het steeds makkelijker om positieve gedachten te denken en is de angst om fouten te maken ook steeds minder.

Hierdoor voel je je al een stuk minder onzeker en gaan je cijfers misschien ook omhoog. Hoe tof zou dat zijn.

Heeft jouw kind angst om fouten te maken en denk je dat het faalangst heeft?

Ik heb een coachtraject in mijn praktijk waarin ik met jouw kind ga werken aan meer zelfvertrouwen. We gaan samen met die helpende gedachten aan de slag en doen heel veel oefeningen om de faalangst de baas te worden.

Door dit traject gaat jouw kind weer stevig in zijn of haar schoenen staan. Krijgt het meer zelfvertrouwen. Is het de baas over zijn of haar emoties en krijgen jullie veel meer rust in het gezin doordat jouw kind geen uren meer boven huiswerk zit te maken.

Wil je meer weten over dit traject of gratis en vrijblijvend kennis maken met mij?
Maak dan een afspraak voor een gratis kennismakingsgesprek.

Klik hier voor het maken van een afspraak

Mijn kind wil niet naar school

Mijn kind wil niet naar school

Kinderen die gepest worden zullen hier niet snel over praten. Ze schamen zich en ze zijn bang dat als ze erover praten dat het pesten erger wordt.

Maar ondertussen krijgen ze er zelf steeds meer last van.
Hoofdpijn, buikpijn, stress, depressieve gevoelens, een laag zelfbeeld, onzeker zijn over alles wat ze doen.

Ze zijn bang dat wanneer ze er met iemand over praten een leraar of een ouder dat het pesten erger word omdat er dan volwassenen zich ermee gaan bemoeien. Dat de pesters worden aangesproken wanneer hun naam genoemd word en dit zorgt dat het pesten meer of erger wordt.

Wanneer ze thuis komen uit school gaan ze vaak naar hun kamer om daar te huilen of boos te worden op wat er allemaal weer is gebeurd die dag. Bij lichamelijke klachten of zichtbaarheden verzinnen ze een verhaal. Ik ben gevallen, ik ben tegen de deur gelopen, we deden voetbal.

Erover praten willen ze niet.

Smoesjes verzinnen, de waarheid verzwijgen. Ook dit gaat aan ze knagen en ze gaan zich schuldig voelen. Maar erover praten willen ze niet.

Tot er iets gebeurt thuis waardoor ze het wel moeten vertellen. Wanneer een broer of zus ze bijvoorbeeld voor de grap een tik geven of iets zeggen wat niet zo leuk is en het gepeste kind daar zo heftig op reageert dat je als ouder denkt hier zit veel meer achter. Dat ze wel moeten vertellen wat er aan de hand is.

Ook dan voelen ze zich schuldig maar een lucht het enorm op om te vertellen dat ze gepest worden op school. Dat daar die blauwe plekken en kapotte broeken vandaan komen. Dat daarom de cijfers niet goed zijn en dan dat het daarom zo vaak hoofdpijn en buikpijn heeft en niet meer naar school wilt.

Vraag er als ouder zelf naar.

Wanneer jij vermoed dat er iets aan de hand is met jouw kind wacht dan niet tot het zelf komt vertellen wat er aan de hand is. Want dit gebeurt dus vaak niet. Of ze verzinnen een mooi verhaal.

Wanneer jij denkt dat er meer aan de hand is vraag er dan zelf naar. En kijk dan hoe je kind reageert. Benoem wat je ziet. Je gaat vaak naar je kamer, hebt weinig vrienden, je cijfers zijn niet zo heel goed, je kleren zijn vaak kapot en je hebt veel blauwe plekken. Als een van ons in het gezin iets aan je vraagt ben je heel kortaf en vaak snel boos. Kan het zijn dat er iets aan de hand is.

Wanneer je kind gaat vertellen wat er aan de hand is zal het voor hem of haar een opluchting zijn maar kan het voor jou als ouder een schok zijn. Houd hier rekening mee. Of wanneer je kind niet jou in vertrouwen neemt maar een leerkracht, tante, buurvrouw, sporttrainer neem dat je kind niet kwalijk. Die personen staan er nog iets verder vanaf en dat maakt het voor een kind soms makkelijker om te vertellen dan aan jou als ouder. Want ze voelen zich schuldig dat ze het zo lang stil hebben gehouden.

Als jouw kind aan je vertelt hebt dat het gepest word ga dan hulp zoeken.

Samen naar een leerkracht, praat met een vriendin of ga naar een kindercoach. Zij kunnen een luisterend oor bieden en jullie verder helpen.

Ik heb een speciaal traject in mijn praktijk waar ik kinderen die gepest worden help om te bouwen aan meer zelfvertrouwen en hierdoor om weten te gaan met het pestgedrag en steviger in hun schoenen komen te staan.

Wil je meer weten over dit traject neem dan contact op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.
Klik hier om een afspraak te maken voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek

Heb jij een vermoede dat jouw kind gepest word of dat er iets aan de hand is, praat erover met je kind. Je kind vind het waarschijnlijk (te) moeilijk om met jou te komen praten. Je helpt je kind door de eerste stap te zetten!!

Het kwam dus als een klap in mijn gezicht dat ze tegen ons vertelde dat ze uit elkaar gingen.

Het kwam dus als een klap in mijn gezicht dat ze tegen ons vertelde dat ze uit elkaar gingen.

Ik was 12 jaar. Klaar om van de basisschool naar de brugklas te gaan. Een spannende periode waar ik ook veel zin in had. Een nieuwe stap in mijn leven. Klaar om meer te leren.

Ineens werd die nieuwe stap in mijn leven ruw verstoord. Mijn ouders besloten in de zomervakantie uit elkaar te gaan. Voor mij kwam dat als totale verrassing. Ik was op die leeftijd met mijn eigen dingen bezig. Met mijn vriendinnen. Met de overgang naar de brugklas. Ik was niet aan het letten op mijn ouders. Ik merkte ook niets in huis.

Het kwam dus als een klap in mijn gezicht dat ze tegen ons vertelde dat ze uit elkaar gingen.

Had ik iets gemist, had ik iets fout gedaan. Hoe kon dit gebeuren. Ineens was ik niet meer met mezelf bezig en met mijn overgang naar de brugklas, maar ik had allemaal vragen. Er ontstond onzekerheid en angst. Want hoe ging het nu verder.

De zomervakantie ging snel voorbij. En het moment van naar school gaan brak aan. Had ik er nog zin in. Nee. Ik was er totaal niet mee bezig. Ik was bezig met thuis. Hoe alles verder moest.

Praten met iemand, dat deed ik niet. Ik stopte alles weg. Voelde me niet fijn maar dat ging ik echt niet aan iemand vertellen. Het brugklas jaar heb ik overleefd en ik was klaar om verder te gaan. Ik stond er niet echt goed voor, mijn cijfers waren niet super goed. Tja ik was ook met andere dingen bezig.

Klaar om naar de 2e klas te gaan gingen we ineens verhuizen. O ja ik was niet bezig met wat er allemaal gebeurde. Ik was in mijn hoofd met mezelf bezig. Dus gingen we ineens verhuizen. En niet naar een ander dorp, nee naar de andere kant van Nederland.

Angst en onzekerheid werd steeds groter.

Er veranderde zoveel in mijn leven en ik zat midden in de puberteit. Dus ging ik echt niet met andere mensen praten om te vertellen hoe ik me voelde enzo. Achteraf had ik dit beter wel kunnen doen want doordat ik alles voor mezelf hield werd ik op latere leeftijd depressief.

Omdat ik zelf een kind van gescheiden ouders ben raakt het me extra als ik kinderen zie worstelen met de scheiding van hun ouders. Voor sommige kinderen is het een opluchting omdat dan de ruzies over zijn en de vervelende sfeer in huis. Maar andere kinderen zien het totaal niet aankomen zoals bij mij vroeger het geval was en die worden er echt door geraakt.

En dan zijn er nog de kinderen die midden tussen hun ouders in zitten. Een vechtscheiding waar echt niets normaal besproken kan worden en waar de kinderen echt het slachtoffer zijn van de scheiding.

Ik zie en hoor kinderen praten over de scheiding. Of ik zie het juist niet dat kinderen er over praten. Maar hoe verwerken ze het dan?

Gun je kind iemand om mee te praten.

Ik vind eigenlijk dat een kind van gescheiden ouders allemaal de kans moeten krijgen om hun hart te luchten en hun verhaal te delen. Dit kan zijn met een leerkracht op school of een ouders van vrienden. Maar het kan ook een kindercoach zijn die een luisterend oor kan bieden. Vaak is een of twee keer praten met iemand al een hele opluchting en hoeft het kind de last niet met zich mee te dragen waardoor het ook andere klachten of gedrags- veranderingen laat zien.

Het praten over de scheiding is een proces van verwerken. En hierdoor heb je op latere leeftijd minder kans op depressie of andere klachten door de scheiding.

Mijn advies bij een scheiding is dan ook altijd let goed op je kinderen. Laat het met iemand praten om zijn hart te luchten en let goed op je kinderen. Want juist als ze niet over de scheiding willen praten heeft dit op latere leeftijd vaak gevolgen die dan een nog groter probleem zijn.

Wat je ook kunt doen is je kind laten tekenen of schrijven wat er in het hoofd omgaat. Hierdoor zie jij vaak als ouder ook hoe je kind de scheiding ervaart en hoe het ermee om gaat.

Wanneer jouw kind behoefte heeft aan een luisterend oor kan je contact met mij opnemen.

Klik hier om een afspraak te maken.

Alles wat je aandacht geeft, groeit.

Alles wat je aandacht geeft, groeit.

Bloemen die je water geeft groeien en bloeien. Wanneer je een week vergeet om je bloemen water te geven zie je dit gelijk. Ze gaan slap hangen, blaadjes vallen uit en je bos bloemen of je plant wordt er niet mooier van.
Wanneer je je bloemen aandacht geeft, water dus, groeien ze en staan ze mooi op tafel of in de tuin.

Alles wat je aandacht geeft, groeit.

Zo is het ook met het gedrag van jouw kind. Als je dit aandacht geeft, groeit het. Of het nu positief of negatief is.

Wanneer jouw kind op de bank springt en door het huis aan het rennen is vraagt het om aandacht. Niet op een hele fijne manier. Jij zegt waarschijnlijk een paar keer, spring niet op de bank, loop eens rustig, doe eens normaal.

Dit is aandacht geven aan het negatieve gedrag. Stopt je kind nu met dit gedrag. Waarschijnlijk niet. Het denkt he mama geeft me aandacht als ik op de bank spring want ze ziet me en praat tegen me. (dit is natuurlijk niet letterlijk wat een kind denkt maar het komt hier wel op neer)

Je wilt dat het stopt.

Je geeft het negatieve gedrag aandacht en dus groeit het. Want je kind gaat er mee door in plaats dat het stopt. Wat jij graag wilt.

Als je tegen je kind zegt ik zie dat je heel druk aan rennen bent en op de bank springt. Ik vind dit niet zo fijn want de bank is om op te zitten en binnen rennen kan voor ongelukken zorgen. Je mag buiten in de tuin gaan rennen en springen. Ik maak even dit klusje af en dan gaan we samen even wat drinken.

Je geeft nu ook je kind aandacht, maar op een hele andere manier. Je vertelt wat je niet leuk vind en dat je kind hiermee moet stoppen. Ook geef je een andere optie om de energie kwijt te raken en je geeft een concreet moment waarop je wat gaat drinken met je kind. Het krijgt dus duidelijkheid en weet waar het aan toe is. Ook geef je aandacht, maar op een positieve manier. Hierdoor luistert je kind waarschijnlijk beter. En de aandacht zorgt er dus voor dat je kind naar buiten gaat en later met jouw gezellig wat gaat drinken.

Dan geef je je kind ook aandacht, maar op een positieve manier en hierdoor stopt het negatieve gedrag. Omdat je hier geen aandacht meer aan geeft.

Ik doe het zelf ook regelmatig.

Ik zie het vaak gebeuren, en doe het zelf ook regelmatig. Je benoemt het negatieve gedrag, maar geeft geen alternatief. De zin doe eens gewoon zegt een kind helemaal niets. Want wat is gewoon. Wat jij gewoon vindt, vind jouw kind misschien niet gewoon. Dus dit is heel onduidelijk waardoor het negatieve gedrag doorgaat.

Het is in zo’n situatie best lastig. Je irriteert je al een tijdje aan het springen op de bank en rennen door het huis, terwijl jij even iets wilt afmaken voor je werk. Doordat je geïrriteerd bent reageer je dus op een negatieve manier. Eigenlijk heb je het dan al te ver laten gaan met het gedrag van je kind. Het springt niet voor niets op de bank. Het vraagt om jouw aandacht. Maar, omdat jij achter de laptop zit krijgt het die aandacht op dat moment niet. Wanneer je dan gelijk bij de eerste sprong reageert en duidelijkheid geeft, is de kans veel groter dat je kind luistert, iets anders gaat doen en wacht op het moment waarop jij hebt gezegd dat je er voor haar bent.

Een kind wat aandacht vraagt, heeft duidelijkheid nodig. Dat geef je dus door concreet te benoemen wat je wel en niet goed vind en wanneer je tijd hebt om echt 100% aandacht te geven.

Luister met aandacht.

Nog een voorbeeld is wanneer jij op je telefoon zit te scrollen en op facebook een interessant onderwerp tegenkomt wat je even wilt lezen. Op hetzelfde moment komt je kind de kamer binnen en vraagt of het wat mag drinken en wat lekkers mag pakken. Je mompelt een korte ja en leest verder. 5 minuten later hoor je een hoop kabaal uit de keuken komen en schrikt. Wat is daar aan de hand. Je kind is op het aanrecht geklommen om de koektrommel te pakken. Je wordt boos want waarom zit je op het aanrecht. Jij zei dat ik een koek mocht pakken.

Je hebt dus een vraag beantwoord zonder met aandacht te luisteren. Hierdoor ontstaan misverstanden. Wanneer je kind binnen komt en jij wilt dat stuk lezen zeg dat dan. Ik lees even dit artikel uit en dan pak ik drinken en wat lekkers voor je. Of ik lees even dit stuk uit en dan luister ik naar je vraag. Dan heb je je aandacht erbij en kan je ook goed reageren op wat jouw kind van je wilt.

Het is dus heel belangrijk dat je jouw kind aandacht geeft op de goede manier.

  • wees duidelijk
  • geeft een tijd aan hoe lang je nog bezig bent met wat je wilt afmaken
  • blijf zo positief mogelijk en reageer niet te uitgebreid op het negatieve gedrag

Alles wat je aandacht geeft, groeit.
Ook het gedrag van jouw kind. Positief of Negatief.
Dat hangt dus af van jouw reactie.

Wil je meer weten of het je vragen na het lezen van deze blog neem dan contact met me op.

Stap voor stap gingen we te werk.

Stap voor stap gingen we te werk.

Elke keer weer als ze uit school kwam was het raak. Ze had haar jas en tas nog niet opgeruimd of het begon weer.

Er kon geen gewoon goedemiddag af als haar moeder haar begroette. De ondertoon was 9 van de 10 keer boos en gefrustreerd.

‘S Morgens wanneer ze naar school ging leek er niets aan de hand te zijn, ging ze met plezier naar school, althans zo leek het, maar ‘s middags was het elke dag hetzelfde.

Die boosheid, die frustratie, haar moeder wist er geen raad mee. Ook kon ze moeilijk achterhalen waar het vandaan kwam en wat haar zo boos maakte, want een gesprek voeren was bijna niet mogelijk met haar. Want ze werd al boos als ze vroeg wat er aan de hand was, ging dan naar haar kamer of naar buiten en eigenlijk durfde haar moeder er niet meer echt naar te vragen. Bang voor haar reactie.

Deze moeder was zo aan het twijfelen. Was het de puberteit die eraan kwam. Had haar dochter het niet naar haar zin op school, werd ze gepest? Deed ze als moeder iets verkeerd als haar dochter thuis kwam? Ze wist het eigenlijk niet meer en zat regelmatig met haar handen in het haar.

Ze trok bij mij aan de bel tijdens een gratis kennismakingsgesprek en vertelde haar verhaal.

Dat ze niet meer wist wat ze met haar dochter aan moest. Dat ze zo graag met haar wilde praten maar dat dat al niet lukte en dat ze gewoon niet meer wist hoe ze moet die boosheid om moest gaan en vooral wat de oorzaak van deze boosheid was.

Tijdens dit gesprek heb ik deze moeder een paar tips gegeven.
Communicatie met je kind is heel belangrijk. Maar kies wel het juiste moment uit. Wanneer je dochter heel boos thuis komt, is het niet het moment om te vragen wat er aan de hand is. Maar je wilt natuurlijk wel weten wat er is en of je haar kunt helpen.
Vraag niet direct waarom ze boos is maar probeer het eens op een andere manier. Bijvoorbeeld tijdens het avondeten. Ik zie dat je regelmatig boos uit school komt en dat je er dan niet met me over wilt praten. Maar ik wil je graag helpen om iets te doen aan de boosheid. Wanneer ik weet wat er aan de hand is kunnen we het misschien samen oplossen. Als je het lastig vind om te vertellen mag je het ook opschrijven, zodat ik kan lezen wat er is.

Kies dus het juiste moment uit om een gesprek te voeren en laat merken dat de emoties die er zijn oké zijn. Ik zie dat je boos bent, geeft je kind aan dat het gezien wordt en dat je wilt helpen.

Deze moeder ging met deze tip aan de slag en een week later lag er een brief waarin stond dat er een meisje op school erg vervelend tegen haar dochter deed, omdat ze betere cijfers haalde op school. Dit deed haar dochter veel pijn want ze deed erg haar best om deze cijfers te halen en wilde hier niet om gepest worden.

Ik kreeg een mailtje van deze moeder of ik haar en haar dochter kon helpen met deze situatie.

Het meisje kwam bij mij in de praktijk en we zijn samen stap voor stap aan het werk gegaan om met de boosheid om te gaan. Ze wilde deze boosheid op school niet uiten, bang dat ze nog meer gepest zou worden, omdat ze dan boos ging reageren. Dus bewaarde ze al haar frustraties en woede tot ze thuis was. Daar kon ze zichzelf zijn en kwam de boosheid er vanzelf uit.

Eerst gingen we kijken wat haar zo boos maakte en waarom ze dit niet durfde te uiten. Het kwam door de manier waarop het meisje steeds haar cijfers benoemde. Dit deed haar pijn, omdat ze zo haar best deed voor school.

We hebben samen geoefend om tegen dit meisje te zeggen dat ze het niet leuk vindt dat ze zo over haar cijfers praat en dat ze er gewoon haar best voor doet. De eerste keer dat we dit gingen oefenen voelde ik de boosheid omhoog komen. Nu snapte ik ook waarom ze dit niet op school wilde laten zien. Omdat het zo diep zat en dan al die boosheid er in een keer uit zou komen.

Na een paar keer oefenen kon ze al rustiger verwoorden wat ze niet leuk vond en gaf ze goed haar grens aan.

De week erna ging ze tegen het meisje op school vertellen wat haar zo boos maakte. Een hele spannende oefening waar ze enorm tegenop zag maar wat haar wel vooruit zou helpen.

En ja, ze heeft het gedaan.

Haar grens duidelijk aangegeven en zonder gelijk heel boos te worden.

Wat ik dit meisje vooral heb geleerd is dat je voor je eigen grenzen mag opkomen en dat dit soms zorgt voor boosheid. Maar die boosheid mag er zijn. En doordat je zelf je grenzen duidelijk weet en ook aangeeft kan je je boosheid ook onder controle houden. Zodat je op school af en toe best boos mag en kunt worden en je niet alles mee naar huis hoeft te nemen.

Het is heel belangrijk om juist jezelf te zijn met al je emoties en je onzekerheden. Dan laat je zien wie je bent en weet een ander wat het aan je heeft.

Dit meisje is na een paar sessies bij mij de praktijk uit gegaan met haar boosheid onder controle. Ze ging vol zelfvertrouwen naar school en kwam bijna elke dag vrolijk uit school. Dronk gezellig wat met haar moeder en de communicatie tussen haar en haar moeder was een stuk beter.

Loop jij ook tegen zo’n soort situatie aan met jouw zoon of dochter?

Weet je niet meer hoe je kunt helpen en wat je aan de heftige emoties moet doen maak dan nu een afspraak voor een gratis kennismakingsgesprek. Ik kijk even met je mee en geef je gegarandeerd tips en advies om verder te kunnen. Ook als je niet verder met mij in zee wilt.

Maak nu een afspraak voor een gratis kennismakingsgesprek.

×